Geschiedenis Schietclub Fryslân

terug naar hoofdmenu


De schietclub Fryslân is in 1962 door een aantal reserve officieren opgericht.

 

Hieronder volgt intergraal de toespraak van de Elt W. Hansen ter ere van het 40-jarig bestaan van de schietclub over de oprichting en de geschiedenis er van, tijdens het Mid-Winter-Schieten op zaterdag 14 december 2002.

De lezer dient te beseffen dat onderstaande geheel de visie is van de Elt. Hansen en dat de Commandant van de Schietclub de Lkol. G. Frijling elke verantwoording afwijst.

 

"40 Jaar Schietclub Fryslân”

(1962-2002)

 

Commandanten (hiermee zit ik altijd goed) en overige dames en heren,

 

Er werd mij tijdig, dat wil zeggen afgelopen donderdagavond 12 december, door de overste Frijling gevraagd om iets te onthullen over het ontstaan van ‘Schietclub Fryslân’ in het grijze verleden. En U allen weet wat het verzoek van een meerdere betekent! En daar sta je dan en derhalve ik hier.

Helaas ontbrak mij de tijd voor een uitputtend historische bronnen onderzoek - zo die er al zijn!

Is 40 jaar wel 40 jaar?

Veertig jaar is wel een heel lange tijd, zo lang, dat ik mij in gemoede afvraag is het wel 40 jaar? Ik weet overigens dat wij ons die vraag ook al stelden bij een van de eerste lustrum vieringen, ik meen bij het 15 of 20 jarig bestaan.

De tijd klopt wel ongevéér, in die zin dat het zeker niet eerder/ouder is, maar hoogstens een jaar korter/jonger! Met andere woorden, het jaar van oprichting is 1962 maar mogelijk 1963.

 

 Oprichting, ‘SvRO’, Kas AVNRO-Friesland.

 

Het ontstaan c.q. de oprichting had plaats tijdens of n.a.v. een ‘messfeest’ in de toenmalige Fre- derik Hendrik kazerne. Wij (echtgenote Antoinette en ik) waren daarvoor uitgenodigd door een Elt. Ketelaar officier bij de LUA. Hij kende de helaas nu niet meer aanwezige Roelof Mante, die daar ook was, van een/de Schietclub voor Reserve Officieren (SvRO) in Nijmegen en besloten werd deze hier ook op te richten, althans pogingen daartoe te ondernemen.

 

Het fenomeen schieten door dan wel Schietclub voor Reserve Officieren berust in het kort op een oud recht dat reserve officieren aanspraak kunnen maken op onderhoud schietvaardigheid. Voorwaarden: er moet een garnizoen met een schietbaan zijn en er moet een in werkelijke dienst zijnde officier (onderofficier?) - dus normaal gesproken ‘een beroeps’ - zijn die als coach wil optreden. Wapens en munitie worden dan door het garnizoen verstrekt. Hierover later meer.

 

Het unieke van onze schietclub was dat deze niet zoals gebruikelijk onder auspiciën van de toenmalige AVNRO viel. Er bestond wel een AVNRO-afdeling ‘Friesland’ met een relatief groot aantal oude/oudere leden maar deze was slapende en had geen interesse in dit soort zaken. (Ik denk/vermoed dat hun waarschijnlijk belangrijkste daadwerkelijke activiteit was acte de présence geven, zeker door het bestuur, op het koninginnebal van het garnizoen bij de verjaardag van Hare Majesteit). De ‘slapende’ leden maakten wel trouw jaarlijks (kennelijk automatisch) hun bijdrage over waardoor men over een redelijk gevulde kas beschikte en hiermee konden wij bij het latere Kerst-, soms Klaas- , weer later KerstKlaas- en nog later het ‘Midwinterschieten’ ons voordeel doen. Ook hierover later meer.

 

 Bestuur, uitvalbasis, secretaris/penningmeester, ABN, commandant.

 

Er is mij niets bekend over aktes van oprichting of wat dies meer zij. Volgens mij begonnen wij gewoon met een soort bestuur bestaande uit Roelof Mante, de betreffende LUA-officier die tevens coach was - hij regelde dus ook wapens en munitie - en ik, en waarbij ieder op zich nam leden te zullen ‘ronselen’. Onze uitvalbasis respectievelijk ‘evaluatieruimte’ was de bar van de officiersmess in genoemde kazerne. In den allereersten beginne verzamelden wij daar zelfs ook, om vervolgens per auto naar de schietbaan bij de vliegbasis te vertrekken.

 

Voor kuilcorvee beschikten wij destijds over ‘parate’ dienstplichtigen, die in het weekend blij waren, althans leken, met deze afleiding en na afloop ging ik voor hen met de pet rond. Aangezien dit geldzaken waren en zeer zeker later toen wij niet meer over dienstplichtig kuilcorvee beschikten en zelf ‘de kuil’ in moesten, plus ook over geld voor allengs ontstane andere uitgaven moesten beschikken (denk daarvoor o.a. aan de jaarlijkse rollade voor Greidanus, de beheerder van de schietbaan) vond Roelof Mante als bankier dat hij dat beter niet kon doen. En dies werd ik gaandeweg naast secretaris ook penningmeester en ik opende daartoe bij de toenmalige ABN - de bank van Mante(!) - een rekening.

 

Dit was dus ruim voor begrippen als bouwfraude, belangenverstrengelingen, parlementaire enquêtes over dat soort zaken enz. enz. gemeengoed werden!

 

Als mijn geheugen mij niet in de steek laat is omstreeks die tijd dan wel gaande weg, tenslotte wij moesten militair gezien ook wat meer body of ponem hebben, de (toenmalige) kapitein Mante de eerste (militaire) commandant geworden, maar dat had nog niet zoveel om het lijf.

 

 Van kazerne naar vliegbasis.

 

Op een gegeven moment verdwenen de LUA en zelfs de kazerne uit Leeuwarden en moesten wij uitzien naar een ander onderkomen. En dit werd - waarbij de eerlijkheid gebiedt te zeggen het was geen achteruitgang, zei de(ze) man van de landmacht - de vliegbasis en de officiersmess te Leeuwarden, met achter de bar onder meer Eeltje. Wij werden zelfs mess-lid. En het was nog dichter bij de schietbaan ook. Dus minder tijdverlies tussen schieten en ‘recupereren’!

 

Maar het werd ook de start na afloop van bijwijlen hele feesten met overgekomen echtgenotes en kroost, hetwelk boven de TV-kamer frequenteerde en dat snel doorhad dat je op pa’s rekening bij de bar kon bestellen.

 

 Kerst-, Klaas- »» Midwinterschieten, Ghurka cane, Prijzen AVNRO-Friesland.

 

Het is ook in die tijd, ik dacht omstreeks ’67-’68, dat zoals vermeld eerst het Kerst-, daarna afhankelijk van het feest waar de betreffende schietzaterdag het dichts bij lag, Klaas- of Kerst- of KerstKlaas- en ten slotte, want de secularisatie sloeg ook hier toe, het ‘Midwinterschieten’ geboren werd naar een idee van de niet hier aanwezige Bruno Nix en van ‘ondergetekende’. Begonnen werd met relatief simpele middelen zoals voor geweer aan de achterzijde een excentrische schijf t.o.v. de zichtbare aan de voorkant, of een verdeling in kwartieren aan de achterzijde waardoor plus- of minpunten verkregen werden, of omgekeerde tellingen enz. Voor pistool was het allereerste begin schieten op met water gevulde blikjes van de ‘Electro Blik Fabriek’. Ook o.a. de lichamelijke en geestelijke gesteldheid, de onverschrokkenheid, het improvisatievermogen en niet te vergeten het wezen van het krijgsman zijn, benevens zijn martiale en militante voorkomen werden mettertijd onderdeel der tests en beoordelingen. Voor insiders refereren wij nog even aan ’de ronde van Greidanus’ om de schietloods, met de het gezichtsvermogen deformerende brilletjes over een parcours met diverse oneffenheden tot een uitstekend putdeksel toe.

 

En door dat alles kreeg het eerst ietwat titulaire karakter van de commandant een duidelijk effectief gezicht. Het werd, mind you, een échte commandant, want de troepen moesten (vooraf) gepresenteerd en geïnspecteerd worden, waarbij de ‘Ghurka Cane’ van Oele Lund - een eertijds bij Halbertsma in Grouw werkzame Zweedse reserveofficier - een belangrijke rol ging vervullen. Verder na afloop, want er konden heuse prijzen gewonnen worden dewelke officieel moesten worden overhandigd. En dan hebben wij het niet eens over toespraken betreffende de prestaties van Schietclub Fryslân door het jaar heen in het algemeen, tot haar plaats binnen de krijgsmacht alsmede het tijdsgewricht in het bijzonder. ‘De Russen’ werden destijds meermalen gewaarschuwd en het resultaat is bekend!

 

Bij bovengenoemde prijzen komt ook het bestuur van AVNRO Friesland in beeld, u weet wel met die welgevulde kas. Deze stelde, naast de onze, immer royaal een groot aantal prijzen zoals daar zijn volle hazen te beschikking, te bekomen al dan niet middels bonnen via een poelier in de Jacobstraat. Als tegenprestatie werd uiteraard het bestuur, waaronder de overste de Vries en kapitein of majoor(?) Blankenstein, uitgenodigd voor de ‘nabespreking’ en zij wonnen dan óók een prijs!

 

 Wapens en munitie, melkgift.

 

Wapens en munitie: Een keur aan wapens zijn in de loop der (begin)jaren door ons gebruikt. Standaard is dat de binnen het garnizoen gebruikte (hand)vuurwapens ter beschikking worden gesteld. Dit betekende dus o.a. Karabijn, Pistool FN 9 mm, Stengun, (Israëlische pistoolmitrailleur) UZI en FAL. Maar er waren nogal wat netwerken c.q. relaties links en rechts, en zo herinner ik mij onder meer ook geschoten te hebben met de Garand (die van die duim!), de Lee Enfield (met de bekende terugslag), een (Duitse) Mauser, een Colt enz!

 

Munitie is een hoofdstuk apart. In den beginne bij ‘de Landmacht’ zijn er bij mijn weten nooit problemen geweest, er was gewoon voldoende. Bij ‘de Luchtmacht’ werd het helemaal feest. Klaarblijkelijk werd er of te weinig geschoten, of te veel verstrekt, of een combinatie van beiden, of het was (mogelijk) overjarig. In ieder geval er was bijwijlen onbeperkt munitie, kisten vol. Wij hebben wel zaterdagen gehad dat wij ons wezenloos moesten schieten om de voorraad op te krijgen. En dat alles vóór vier uur, want in verband met de melkgift van de koeien in de belendende weilanden en boerderijen mocht er daarna niet meer geschoten worden.

 

Tot plotseling, ik dacht zo begin jaren zeventig, de situatie veranderde. Wij konden niet langer meer beschikken over de wapens en munitie van de vliegbasis maar vielen onder het garnizoen Assen. Dit betekende dat voor elke schietzaterdag wapens en munitie speciaal uit Assen naar Leeuwarden werden vervoerd. De volgende stap werd dat ik gebaseerd op het verbruik p.p. in het afgelopen schietjaar - met ook nog alle mogelijke beperkingen qua aanwezigheid enz. - voor het komende jaar een bepaalde hoeveelheid munitie kreeg toegewezen. Ik heb toen een aanvraag ingediend, misschien heeft Gert van Meegdenburg nog een kopie, waarin ik opgaf het aantal schietdagen alwaar gemiddeld bijv. 17,753912 reserve officieren aanwezig waren, die weer elk gemiddeld 35,852724 patronen verschoten enz. Vervolgens gaf ik een prognose voor het komende jaar wederom met zes decimalen achter de komma. De nieuwe toewijzing kwam zonder problemen.

 

 Eind 1973 overdracht ‘organisatie’.

 

Eind 1973, onder de Regering van ene Joop den Uyl, op een autoloze zondag heb ik wegens een nakende verhuizing naar Apeldoorn in onze toenmalige huizinge aan de Bildtsestraat het secretariaat annex beheer der penningen aan Gert van Meegdenburg - en in mijn beleving daarmee in feite de (echte) leiding van Schietclub Fryslân (toen nog Friesland) - overgedragen!

 

 Wat mis ik: uniformen, mannen!

 

Wat mis ik vergeleken met het verleden? Wel, het rijk geschakeerde veelkleurige beeld te velde met uniformen van alle mogelijke wapens en dienstvakken der Landmacht uit binnen- en buitenland; de met een zekere nonchalance - zeker door de vliegers - gedragen uniformen van de Luchtmacht en die van de (mijn)heren der Mariniers, der Marine en zelfs der Koopvaardij. Je kon toen nog duidelijk zien wie waar bij was (geweest) tot zelfs ongeveer wanneer hij ’s Konings wapenrok actief gedragen had. Kom daar nou maar eens om. Toen waren er nog mannen waarbij zelfs bevroren kogelvangers hun drang in bange dagen het vaderland te verdedigen nauwelijks vermocht te stuiten. Nu lijkt een door weersvoorspellers gecreëerde virtuele hype al voldoende ons van het Frendsjerder theater of war te doen verdrijven!

 

Wat mij het meest verbaasd heeft is dat zelfs Koen Meijer luipaardvlekken voor zijn geld koos.

 

Mijn excuses, ik liet mij even gaan.

 

 

 

Commandanten.

 

Roelof Mante,

Tom Genee,

Frans de Boer,

Pier Riedstra,

Gerard Frijling }- de jonkies)

 

 

 Zomaar nog wat namen.

 

?? Buma, Bruno Nix, Frans de Boer …, Cors Simons …, Oele Lund, Max de Boer (zogenaamd neef van Frans), Jan Moons, Peter Heins … , Popke de Jong … , ?? Bennen, ?? de Vries, Jan Meester, ?? Thiery, Alex d’Anjou, Teye Terwisscha, André Olijslager…..

 

 

 

Commandanten, dames en heren, verschoning zo mochten mij enkele belangrijke feiten dan wel wetenswaardigheden ontschoten zijn en bedankt voor uw aandacht.

 

w.g. Elt. RTT  b.d. W.G.J. Hansen

                                                                                                                 ""

 

De commandanten van de schietclub zijn achtereenvolgens:

 

1962-1971  Lkol R. Mante

1971-1980  Maj. T. Genee

1980-1987  Lkol F. de Boer

1987-1996  Maj. P. Riedstra

1994-heden Lkol G. Frijling

 

De commandanten staan gegraveerd op de caine die is aangeboden door Øle Lund, een van de leden van de schietclub.


terug naar hoofdmenu



 Copyright  KVNRO afd. Friesland  Links: www.kvnro.nl
                               Privacy   
     
     
     
     
   Laatste update: 15-12-2018  

         
 
 
 
        




154246 bezoekers (188845 hits) sinds 31-1-2011